Creativiteit ontwikkelen in het onderwijs

“De student, leerling, volwassene, persoon die ‘creatief’ om kan gaan met mogelijkheden, heeft een betere uitgangspositie om zich een goede plek te verwerven in ‘de wereld van straks’. Creativiteit staat voor het leggen van verbanden tussen zaken die niet direct met elkaar te maken lijken te hebben, het staat voor verwondering en inspiratie en gaat over het stellen van vragen. In de wereld van straks zijn oplossingen nodig op vragen die we momenteel nog niet eens kunnen stellen. En we moeten ook dingen kunnen waar we ons nog niet eens een voorstelling van kunnen maken.

Een vindingrijk persoon is creatief en vaardig in het vinden van geheel nieuwe routes buiten bestaande wegen. Hij doorloopt deze routes door denken – door het zich voor te stellen – en geeft er vorm aan via het handelen. Door iets te maken, door het te vertellen, door het op te schrijven. De creatieve persoon is daarom goed toegerust om zich staande te houden in een veranderende wereld en daarin de best mogelijke plek te verwerven.” – Jelle Jolles

Bovenstaande tekst heb ik letterlijk overgenomen uit het ‘Het grote vindingrijkboek’. De inleiding is geschreven door Jelle Jolles, de rest van het boek door David van der Kooij. De tekst sluit naadloos aan bij mijn mening over creativiteit binnen het onderwijs. Creativiteit, wat is het? En hoe kan het een plek krijgen binnen jouw onderwijs?

Creativiteit inpassen in ons onderwijssysteem

Vaak is ons onderwijssysteem zo ingericht dat het gebaseerd is op logisch redeneren. Als creatieve vakken worden in de regel tekenen, drama en kunst beschouwd.

Om de studenten op te leiden voor een veranderende maatschappij, zou je ze moeten scholen in het creatief denken. Een keuzedeel misschien? Of zou het geïntegreerd moeten worden in het reguliere onderwijs net als taalgericht vakonderwijs? Het gaat erom dat je studenten niet alleen leert zoeken naar het juiste antwoord, maar ook naar nieuwe, nog onbekende antwoorden. Aandacht voor creativiteit biedt veel mogelijkheden voor het ontplooien en ontdekken van talenten.

Creativiteit kun je leren

Er zijn verschillende factoren die invloed uitoefenen op de mate waarin je creatief kunt zijn. Dit geldt zowel voor de student als de leerkracht. Robert J. Sternberg en Todd I. Lubart beschrijven in hun ‘Investment Theory of Creativity’ zes factoren die hierbij een rol hebben; intelligentie, kennis, denkstijl, persoonlijkheid, motivatie en omgeving.

Creativiteit kun je kiezen

Ook jij kunt binnen jouw onderwijs een creatief leerklimaat realiseren. Dat doe je door studenten te helpen bij het ontwikkelen van hun creativiteit en door zelf een rolmodel te zijn. Je bent een rolmodel als je zelf aandacht geeft aan je creatieve ontwikkeling.

Hoe ziet dat eruit? Als leerkracht kan je een dergelijk klimaat realiseren door een houding aan te nemen die nieuwsgierigheid uitstraalt. Je moedigt een vragende houding aan, je geeft ruimte voor experiment en falen. Studenten stimuleer je om door te zetten en vol te houden. Je helpt de studenten verbindingen te leggen zodat leren relevant en duurzaam is. Je staat open voor avontuur en voor nieuwe ideeën van jezelf en anderen.

Een vooroordeel over creativiteit is dat het chaotisch is. Een creatieve leerkracht weet dat voor creatief denken een analytisch denkvermogen, een kritische denkstijl en een ordelijke persoonlijkheid net zo belangrijk zijn. Het is een kwestie van het vinden van evenwicht.

Wees als leerkracht nieuwsgierig en vragend

We hebben allemaal een natuurlijke nieuwsgierigheid in ons. Als leerkracht kan je creativiteit stimuleren door in te spelen op deze natuurlijke nieuwsgierigheid. Dat doe je door vragen te stellen. Je hersenen gaan bij het horen van een vraag automatisch op zoek naar een denkreflex. De vaardigheid van vragen stellen, aan jezelf en anderen, is aan te leren.

Studenten zullen jou als leerkracht ook vragen stellen. Het is niet erg om te laten zien dat je het antwoord soms niet weet. Door hardop na te denken en een zoektocht met de studenten te beginnen leer je ze bij uitstek hoe je kritisch nadenkt.

Het gaat om het maken van verbindingen

Ons geheugen is een netwerk van associaties die geheugenelementen met elkaar verbindt. Veel gebruikte associaties veranderen in denkgeulen. Door ‘gek te doen’ kunnen we spontaan minder gebruikte of compleet nieuwe associaties oproepen. Dit proces kunnen we een handje helpen door te associëren, analogieën te herkennen, anders waar te nemen en te verbeelden.

  • Een analogie heeft te maken met een overeenkomst die je waarneemt. Door onverwachte en verrassende analogieën te maken, kom je op onverwachte en verrassende ideeën. De betekenis die je aan een analogie geeft wordt bepaald door wat je al weet. De patronen die je ontdekt, bevestigen de patronen die je al kende. Deze denkgeulen zijn onder andere gevormd door je cultuur, omgeving en afkomst.
  • Anders waarnemen is een manier van open en bewust waarnemen. Niet alleen met je ogen, maar met al je zintuigen. Het gaat erom dat je anders naar de wereld gaat kijken dan dat je nu doet. Wat kan iets nog meer zijn?
  • Verbeelden doe je door onderdelen te verwisselen, vergroten, verkleinen, uitrekken, plat te slaan en te combineren,. Op die manier ontstaat er  nieuwe dingen. Stel jezelf de vraag: ‘Waar kan dit allemaal in veranderen?

De reactie van de leerkracht op creatieve ideeën

Je bent geneigd om te zeggen dat iets ‘mooi’ is of ‘goed’, als een student zijn/haar creatieve werk laat zien. Je doet er beter aan door een dialoog te openen over het gemaakte werk. Dat doe je door neutraal te reageren en te beschrijven wat je denkt te zien. Je opent daarmee een deur om mee te kijken naar het eigen werk, daar afstand van te nemen en erop te reflecteren.

Wat de student nodig heeft is vertrouwen. Vertrouwen van ouders en leerkrachten maar ook vertrouwen in zichzelf.  Vanuit dit vertrouwen kan je als leerkracht met de student, de brug tussen willen en kunnen overbruggen.

Een voorbeeld: Onlangs verzorgde ik een project waarbij studenten hun eigen stand mochten aankleden. Ieder duo had een eigen thema waarvoor zij een stand gingen inrichten. De student waar ik het nu over heb, verzorgde een voorlichting over thema internet en telefonie. Bij ons op school hebben we een creatief recycle centrum met allerlei materialen. Ik nam alle studenten mee om zich daar te laten inspireren door de materialen. De gekste combinaties van spullen werden gemaakt. Materialen werden niet ingezet waarvoor ze bedoeld waren, er werden nieuwe creatieve uitingen bedacht die mooi aansloten bij het thema. Top dus!

De student met het thema internet en telefonie wilde graag ‘nep handen’ gebruiken zodat ze daar telefoons in kon zetten. De handen zagen er op het eerste gezicht wat luguber uit, omdat ze aan een arm hoorden te zitten. Op een of andere manier was dat bij deze handen niet meer het geval. Wat ik had kunnen zeggen, is dat het niet goed is dat ze deze handen gebruikt omdat het er wat luguber uit ziet. De stand moest immers professioneel ogen.

Wat ik wel deed is aangeven dat de handen er ‘gek’ uitzagen en dat ik benieuwd was naar wat ze ermee zou gaan doen zodat de stand er desondanks representatief uit zou komen te zien. Uiteindelijk is het resultaat heel mooi geworden! Door de manier waarop zij verschillende materialen met elkaar combineerde en de manier waarop zij de materialen had tentoongesteld, viel niet meer op dat het nep handen waren die er op zichzelfstaand raar uit zagen. Ik gaf de student het vertrouwen door haar te laten zien wat zij ermee zou gaan doen. Hierdoor heeft ze haar idee ook daadwerkelijk kunnen uitproberen. Het eindresultaat is mooi geworden. Zij heeft haar creativiteit optimaal de vrije loop kunnen laten gaan.

Aansluiten bij het onderwijs in de 21e eeuw

Het gaat erom dat je er geen creativiteit in stopt, maar dat je de creativiteit eruit haalt. Creatief denken valt deels samen met de competenties probleemoplossend en kritisch denken. Het begint bij een verlangen of een probleemsituatie, gaat vervolgens door een fase van ideevorming, waarna een onderzoekende en selectieve fase volgt waarin kritisch denken een belangrijke rol speelt.

Creatief denken is een middel om verbindingen te maken met de wereld om ons heen. Het resulteert in inzichten, ideeën, begrip, mogelijkheden of producten die een nuttige bijdrage kunnen leveren.

De wereld zit ingewikkeld in elkaar en verandert steeds sneller. Een student waarbij de creatieve denkkracht ontwikkeld is, maakt het niet zoveel uit hoe de overkant er uitziet want het is flexibel en kan het avontuur aan. Als leerkracht faciliteer jij het maken van de verbinding van studenten en de wereld.

Creatief denken door samen te werken of alleen?

Hoe intensief je ook van gedachten wisselt met een ander, samenwerken levert geen bijdrage aan het primaire creatieve denkproces. Het uiteindelijke idee ontstaat in het brein van een individu. Daar moeten de verbindingen gelegd of verlegd worden die de creatieve vondst opleveren of een eerdere creatieve vondst tot grotere hoogte tilt. Biografisch onderzoek toont aan dat creatieve denkers graag in zichzelf gekeerd zijn tijdens de generatieve fases (met name ideevorming) van het creatieproces.

Met dit gegeven moet rekening gehouden worden in een creatief proces zoals een brainstorm. In een goed georganiseerde brainstorm is plek voor samenwerking maar ook voor ‘einzelgang’. Voor momenten waarop ideeën en inzichten worden uitgewisseld en voor momenten die ruimte geven aan individuele contemplatie en ideevorming.

Een aantal werkvormen waarmee je creativiteit stimuleert

Je kunt een werkvorm gebruiken waarbij studenten continu ‘waarom-vragen’ moeten stellen. Je kunt ook ‘hoe-vragen’ introduceren zodat de studenten leren nadenken over de manier waarop je iets kunt aanpakken. Door deze twee vragen af te wisselen en te herhalen, leren studenten hoe ze tot de kern van een vraagstuk moeten komen (nieuwsgierigheid) en welke mogelijkheden er allemaal zijn om tot een oplossing te komen (experiment).

Differentiëren kan je doen door de klas de keuze te geven uit verschillende tochten; een doeltocht, een zoektocht of een zwerftocht. Hierin kan je afwisselen van instructie met een helder doel, naar een doel waarbij de student zelf mag bepalen hoe het behaald wordt tot een opdracht zonder doel waarin de student zelf mag exploreren en dromen. Hierin afwisselen zorgt voor uitdaging.


In dit artikel geef ik je handvatten om zelf met creativiteit aan de slag te gaan binnen jouw lessen.  Je kunt het boek lezen voor meer praktische lesideeën. 
Ga ook juist over dit thema met studenten in gesprek. Gun jezelf het creatieve proces met de student waarin je van en met elkaar leert.

Hoe kijk jij aan tegen creativiteit binnen je lessen? Ben jij in staat om studenten te stimuleren in hun creativiteit? Hoe pak jij dat aan?

Onderdeel worden van de Blijven Leren community?

Door mij te volgen op sociale media en onderdeel te worden van de besloten groep kan je deel uit blijven maken van de Blijven Leren community. Wil je meer dan dat? Ik verzorg inspiratiesessies en ontwikkel online cursussen. Daarnaast ontwikkel ik lesbrieven en content voor de vo en mbo-docent en bied ik coaching- en advies bij pedagogisch-didactische vraagstukken. Hier vind je meer informatie over mijn diensten en samenwerken.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *