Ingrediënten voor een Vreedzame aanpak op het mbo

Vreedzaam Blijven Leren

Op Blijven Leren deel ik verhalen van inspirerende onderwijscollega’s. Vandaag deel ik met jullie een artikel dat geschreven is door Nadine Drost. Als ‘Projectleider Vreedzame School’ binnen ons college heeft zij veel expertise over deze democratische burgerschapsmethode. Ze beschrijft eerst wat de Vreedzame school inhoudt om vervolgens over te gaan tot 3 concrete tips voor implementatie. Wil je weten wat ingrediënten zijn voor een Vreedzame aanpak op het mbo? Lees dan verder!

Inleiding

Vreedzame School is een democratische burgerschapsmethode binnen het onderwijs waarin aandacht is voor democratische vaardigheden van jongeren. In deze methode staan de volgende vragen centraal:

  • Hoe leven we samen met elkaar?
  • Hoe hoor je bij elkaar, ondanks de verschillen die er zijn?
  • Wat gebeurt er als er een conflict ontstaat en hoe los je conflicten op?

Of in de woorden van Micha de Winter die een presentatie gaf op de inspiratiebijeenkomst van Stichting Vreedzame School op 16 januari 2017: ‘Hoe zorg je ervoor dat jij mag zijn wie je wilt zijn, maar dat je de ander ook dat recht geeft?’

De methode is voor de basisschool ontwikkeld, maar vindt nu ook zijn weg naar het voortgezet onderwijs en het mbo. Het Welzijn College van mijn ROC  is het eerste mbo-college dat zich gecommitteerd heeft aan het programma Vreedzame School. Als projectleider Vreedzame School heb ik in de praktijk ervaring opgedaan over de mogelijkheden die er zijn om deze methode op het mbo te implementeren. Graag schets ik hieronder een drietal ingrediënten die volgens mij belangrijk zijn bij de implementatie van Vreedzame School.

Aandacht voor democratisch onderwijs

‘Democratie is vooralsnog de enige vorm waarin aandacht is voor bescherming van de minderheid tegen de meerderheid en waar vanuit gelijkwaardigheid gewerkt wordt aan het vinden van goede oplossingen voor iedereen. Dit behoeft aandacht en zorg, anders zakt het weg. Dit is dan ook de reden waarom er in het onderwijs aandacht moet worden besteed aan het ontwikkelen van kennis, houding en vaardigheden op het gebied van democratisch burgerschap’ (Caroline Verhoeff, Stichting Vreedzaam).

Laatst zag ik op het journaal dat één op de negen leraren in het voortgezet onderwijs moeilijke onderwerpen uit de weg gaat. Zij geven aan deze onderwerpen niet meer te bespreken uit vrees voor gedoe in de klas. Naar mijn mening moeten we juist het gesprek aangaan over gebeurtenissen in de wereld. Vooral in deze tijd waar vragen gesteld worden bij wat een democratie precies inhoudt en in een samenleving waar onduidelijkheid heerst over wat wel en niet gezegd kan en mag worden. We moeten als school steeds weer aandacht besteden aan wat een democratie is en wat het hebben van een verschil van mening inhoudt. Het is belangrijk dat we blijven uitdragen dat het vanuit een verschil van mening nog steeds mogelijk is om tot een compromis te komen, ook al ben je het niet altijd met elkaar eens.

Ingrediënt 1: hoe doen wij het hier?

Om de aandacht en zorg voor democratisch burgerschap te behouden zal een school zich de volgende vragen moeten stellen:

  • Hoe doen wij het hier?
  • Waartoe voeden wij op?
  • Wat is ons gezamenlijk mens- en maatschappijbeeld?

Met andere woorden: wat is onze gezamenlijke pedagogische visie en grondhouding die wij willen uitstralen naar de studenten? Wat is onze basis? Alle docenten zouden op deze vragen een eenduidig antwoord moeten kunnen geven. Op 7 februari 2017 toonde het nieuws dat de inspectie van het onderwijs stelt dat scholen in Nederland hun burgerschapsonderwijs sterk moeten verbeteren. Om dit goed te doen moeten we bij het begin beginnen en als school aandacht besteden aan de fundering van ons onderwijs. Pas vanuit deze fundering krijg je duidelijkheid over de richting die je als school kiest en hoe je een oefenplaats wilt zijn voor de studenten.

Ingrediënt 2: met verve uitdragen

Als de richting duidelijk is die je als school opgaat, dan moet dit met verve uitgedragen worden door iedereen die bij de opleiding betrokken is. De schoolleiding kan in gedrag en houding laten zien achter de pedagogische visie te staan en gaat hier elke keer weer het gesprek over aan met docenten om de verbinding tussen de klas en school te behouden. Door eerst een goede fundering te leggen als opleiding kan daarna nagedacht worden over het gewenste democratische gedrag. De taak van de docent is om studenten te laten reflecteren op het eigen handelen en het gewenste gedrag te oefenen en te versterken in de omgeving van de school. Als docent werk je aan jouw professionele ontwikkeling door te reflecteren met collega’s, waarbij je gesprekken hebt over studenten, lesgeven en leren (Louis & Kruse, 1995). Je maakt jezelf onderdeel van jouw eigen reflectie, waardoor je praat en nadenkt over jouw manier van werken(Dewey, 1933; Schön, 1983).

Ingrediënt 3: openheid en kwetsbaarheid

Vreedzaam Blijven LerenBovenstaande ingrediënten zorgen er in een school voor dat er openheid en gezamenlijkheid ontstaat. Deze ingrediënten zijn niet makkelijk toe te voegen aan een schoolse situatie waarin al lang eenzelfde richting opgegaan wordt. Het is een verandering van cultuur en een vraag naar openheid. De methode vraagt een kritische en reflectieve houding. Hij vraagt je om kwetsbaar te zijn, om een kijkje in jouw keuken te laten nemen. Om samen met collega’s te bespreken hoe je moeilijke onderwerpen in de les aan kan kaarten in plaats van ze te vermijden. Soms zijn we te bang om onze kwetsbaarheden te delen waardoor we de keuken sluiten en niemand meer iets van onze recepten laten proeven. Terwijl we juist zoveel van elkaars recepten kunnen leren.

In een volgend artikel zal Nadine jullie meer vertellen over een praktische aanpak. Ben jij bekend met de Vreedzame aanpak? Zou je jezelf er meer in willen verdiepen? Wat kan jij binnen je school doen om meer openheid en gezamenlijkheid te creëren?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *