Over introversie en extraversie (in het onderwijs)

Introversie Blijven Leren

“Introvert zijn: ineens was het er. Niet voor introverten, zij wisten allang dat ze bestonden. Maar voor de rest van de wereld stond het onderwerp plotseling op de kaart. Dat is broodnodig want een derde van de mensheid is introvert”. Wat is het dan en vooral ook: wat “moet” je ervan weten? Als je er zelf “een bent” of als je “ermee werkt”. Dat probeer ik in dit artikel toe te lichten. Lees je weer mee?

Allereerst is introversie niet zo makkelijk “te vangen” in een aantal woorden. Zo kan je een sociale introvert, een denkende introvert, een angstige introvert, een gereserveerde introvert, een ambivert of een extraverte introvert zijn. Misschien ben je wel een beetje depressief, hoogsensitief of heb je autistische trekjes? Je kunt natuurlijk ook gewoon wat verlegen zijn of ongeïnteresseerd.

Zo, dat is lekker binnen komen. Voor iedereen ligt er wel een stempel klaar. In Amerika kwam introversie zelfs bijna in de DSM (Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders) die de standaard classificatie bevat van alle mentale ziektes.

Liesbeth Smit, de schrijfster van het boek “Ik moet nog even kijken of ik kan – De stille revolutie van de introverte mens”, ging bij een aantal psychologen langs om te achterhalen wat introversie precies is. Al snel bleek dat introversie niet zo gemakkelijk te duiden is. Iets met verlegenheid, toch?

Wat is de definitie van introversie eigenlijk?

Introversie Blijven Leren
Introversie bingo. Klik op de afbeelding voor een grotere weergave

In het boek wordt een definitie genoemd. Het zijn flink wat woorden, daar komt ‘ie:  “Introversie is binnen de persoonlijkheidspsychologie een wetenschappelijk geaccepteerde pool van het menselijk persoonlijkheidsspectrum waarbij aan de ene kant introversie staat en aan de andere kant extraversie. Hoewel vrijwel ieder mens zich beweegt in de ruimte daartussen, zal je een natuurlijke voorkeur voelen voor een van de twee.

Introversie is een naar binnen gekeerde levensoriëntatie; ze krijgen energie van reflectie en beschouwing en verliezen energie door sociale interactie. Bij extraverten is dit precies andersom. Kortom: een introvert geeft energie in contact met anderen, een extravert krijgt het dan juist. De gedragskenmerken die aan introverten worden toegekend zijn bedachtzaamheid, een observerende, denkende en rustige instelling, goed kunnen luisteren en gevoeligheid voor geluid of sociale drukte.

Introversie is geen klinische diagnose of een ziekte, maar zowel een persoonlijkheidspool als een opzichzelfstaande eigenschap. Dat betekent dat je als extravert best bepaalde introverte eigenschappen kunt bezitten, maar je geen introverte persoonlijkheid hebt. Andersom kan ook: een introvert kan prima extraverte eigenschappen hebben en toch geen extravert zijn. Waarschijnlijk is introversie voor ongeveer 45 procent aangeboren. In Nederland wordt ervan uitgegaan dat ongeveer 30 procent van ons introvert is. Dat zijn bijna 6 miljoen mensen”.

 

Introvert en succesvol, dat kan!

Zo! Dat zijn een hoop mensen. Alleen om die reden al, is dit artikel relevant. Voor de beeldvorming misschien wel leuk, er zijn dus ook bekende introverten zoals:

  • Barack Obama
  • David Bowie
  • Lady Gaga
  • K. Rowling
  • Tom Hanks
  • Ed Sheeran
  • Lionel Messi
  • Bill Gates

Introversie zegt niet dat je niet succesvol kunt zijn. Een ingekleurde opmerking, die voortkomt uit krantenkoppen die genoemd worden in het boek. Ook herken ik dat er positief gekeken wordt naar mensen die extravert gedrag vertonen. Daarover later meer.

Zijn introversie en extraversie een wetenschappelijk gegeven? Ja!

Introversie Blijven Leren
Klik op de afbeelding voor een grotere weergave

Hoe zit het dan wetenschappelijk gezien? Daar wordt in het boek voldoende over geschreven. Hierbij in een notendop: “Introverten zouden als gevolg van biologische factoren daadwerkelijk een hoger ‘arousal’ (activiteit in het centrale zenuwcentrum van de hersenen) hebben, waardoor ze ook sneller geneigd zouden zijn om intense stimuli te vermijden. Talloze onderzoekers onderzochten het verschil in hersenactiviteit in het introverte en het extraverte brein, waarbij met name de rol van de neurotransmitters belangrijk bleek.

Uit onderzoek bleek dat in het geval van de prikkeling bij introverten meer bloed naar de voorste hersengebieden stroomt dan bij extraverten het geval is, én het bloed van de introverten en extraverten legt verschillende routes af in de hersenen. De ‘introverte route’ is hierbij lang en complex, waarbij het langs delen in de frontale lobben stroomt, waaronder in de gebieden die onder andere onze beleving en het vermogen van onthouden en problemen oplossen bevatten. Introverten hebben dus meer activiteit in de ‘denkende’ delen van de hersenen. Bij extraverten stroomt het bloed via een korte en eenvoudige route naar zintuiglijke delen van de hersenen. Hier worden overwegend gebieden geactiveerd waar zicht, gehoor, gevoel en smaak liggen.

Ook zit er een verschil in het soort neurotransmitter. Voor de introvert is dopamine belangrijk, extraverten lijken minder gevoelig voor dopamine. Daarom hebben ze er meerdere hoeveelheden van nodig. Hoe vaker de extravert actief is onder de mensen en dus wordt beloond, hoe meer dopamine er vrijkomt en hoe lekkerder hij zich dus zal voelen. Introverten maken acetylcholine aan om te compenseren met de hoeveelheid dopamine wat zorgt voor kalmheid en alertheid. Ook stelt het ze in staat aandachtig te zijn, te leren en hun langetermijngeheugen optimaal te gebruiken”.

Een hele bulk aan informatie, maar het komt er dus op neer dat introverten zich fijn voelen in een rustige omgeving met niet te veel prikkels omdat ze gedoseerd dopamine nodig hebben. Extraverten hebben juist veel dopamine nodig om zich lekker te voelen waardoor ze veel naar buiten treden. Als je dit weet, begrijp je dus waarom het vermoeiend voor jou kan zijn om veel onder de mensen te zijn, als je introvert bent. Je realiseert je ook waarom het voor een ander misschien zo belangrijk is om zo actief te zijn, want dat heeft de ander nodig in tegenstelling tot jou. Mooie inzichten! De schrijfster legt de theorieën nog veel uitgebreider uit in het boek, dus lees daar meer.

Extraversie is in Nederland een gedragsideaal

In het boek is te lezen dat er in verschillende landen anders aangekeken wordt tegen introversie en extraversie en het gedragsideaal. In sommige landen wordt juist positief aangekeken tegen de bescheiden introvert, terwijl in Nederland het extraverte karakter positief wordt bevonden.

Jezelf beheersen was vroeger onderdeel van de traditionele etiquette, maar nu steeds minder belangrijk. De wereld is op extraversie gericht. Op school leer je in groepjes werken (lees hier trouwens hoe je dat handig kunt doen), vriendjes te maken, naar feestjes en partijtjes te gaan, spreekbeurten en presentaties te geven (hier wat tips daarover).

Als je met het een of het ander moeite had, leerde je om die extraversie te trainen. Er zijn volledige programma’s om het voor elkaar te krijgen dat je mee komt met wat er van je verwacht wordt. Onder invloed van sociale media wordt dit nog meer versterkt. Er is veel aandacht voor extraverte idealen zoals succes en aandacht. En ja, ook ik doe daar aan mee.

“Introversie is overal en in grotere mate dan we merken, maar we weten niet hoe een introvert er uitziet en hij of zij weet of erkent het zelf ook niet altijd”.

Toen een stagebegeleider zag dat een student beter gedijt met andere taken op stage

Introversie Blijven Leren
Hoe vaker je ‘ja’ kunt antwoorden, hoe introverter je bent. Klik op de afbeelding voor een grotere weergave

In het onderwijs kom je veel verschillende studenten of leerlingen tegen. Ook introverte studenten, waarover tijdens rapportvergaderingen vaak genoeg gezegd wordt dat er in de beroepshouding nog wel wat te behalen valt. Misschien kan iemand wat meer laten zien dat hij/zij er is, meer mee doen op interactieve momenten, meer vragen stellen. Ook ik herken mezelf erin dat ik dat vroeg of vraag van studenten.

Dat komt omdat ze sociaal werker worden. Een beroep waarvan je van de student een zekere mate van extraversie verwacht. Eigenlijk durf ik niet met zekerheid te stellen dat het altijd nodig is in het werkveld om extravert te zijn…

Onlangs was ik op stagebezoek. Het functioneren van een student werd besproken, waarbij naar voren kwam dat er een groot verschil te zien was tussen het functioneren van de student in een op een situaties en in een groep. De begeleider van de student gaf aan dat niet elke student goed gedijt in groepen. Hij vulde in voor de student dat zij wellicht meer tot haar recht komt in een op een situaties. Waarom gaan we er dan van alles aan doen om dat extraverte bij te spijkeren, als de student ook kan excelleren in het een op een begeleiden? De student leek tot rust te komen toen we dit onderwerp bespraken. Ze vond een op een begeleiden ook veel leuker en waardevoller dan het werken met groepen.

We merkten wel op dat de student, ondanks haar mogelijke introversie, zichzelf veel extravert gedrag had aangeleerd. Het gaat eigenlijk best goed voor groepen. Wel is het hard werken voor haar, terwijl ze in de een op een begeleiding veel beter kan werken met een cliënt. In de toekomst lag haar wens ook meer in lijn van het werken met individuen, waardoor we ervoor hebben gekozen om te zoeken naar stage-activiteiten die aansluiten bij het een op een begeleiden.

De introverte student of leerling

Ik wil voorkomen dat ik studenten of leerlingen een bepaalde stempel geef of dat ik ze in bepaalde hokjes plaats. Eerlijkheid gebiedt mij wel te zeggen dat ik verschillen zie tussen mijn studenten. Sommigen bloeien op bij interactieve momenten, zij delen ook maar al te graag wat er in hen op komt. Soms tot ergernis van de studenten die liever ‘gewoon hun ding doen’ zonder hierover met anderen te overleggen. Het is niet dat ze het niet kunnen, maar hun voorkeur ligt er gewoon niet.

Er komen vaak argumenten naar voren als dat ze niet van elkaar op aan kunnen of dat ze ‘hier voor zichzelf’ zitten. Waar de docenten natuurlijk tegenover zetten dat je in interactie ook veel leert en dat je ook moet leren samenwerken. Het debat hierover is eindeloos.

Zonder dat je studenten in een hokje plaatst, denk ik wel dat je rekening kunt houden met de vermoedelijk introvertere voorkeur van studenten. Evenals met de extraverte voorkeur van studenten. Je kunt als docent werkvormen inzetten waarbij je tegemoetkomt aan beiden. Ook kan je keuzes bieden. Introversie is niet iets slechts, het is alleen zo dat introverten in de minderheid zijn waardoor we misschien veel dingen inrichten op extravert gedrag. Ik vind het de moeite waard om na te denken over de mogelijkheden om introverten meer tot hun recht te laten komen. Zeker als blijkt dat een derde van mijn klas mogelijk introvert is.

Extraverte instrumenten om te meten…?

Misschien vinden sommigen het een rare gedachtekronkel, maar ik vind het eigenlijk best logisch. Extraversie is namelijk best wel handig om zaken te meten. Ik zal het eventjes uitleggen: we meten best een hoop bij onze studenten door middel van extraverte middelen.

We kiezen voor instrumenten als het laten verzorgen van presentaties, we gaan interactieve momenten aan die klassikaal worden gedaan. Dat is vrij gemakkelijk. Natuurlijk weten we inmiddels dat je daar niet elke student mee bereikt. In het licht van introversie en extraversie, ben ik zelfs verbaasd dat sommigen alleen die manieren van meten gebruiken.

Het geeft mij inspiratie om na te gaan hoe ik op een andere manier kan meten of mijn studenten de lesstof begrijpen. Hierbij wil ik niet zeggen dat meten door middel van ‘extraverte instrumenten’ niet meer mag, want sommige studenten vinden het dus wel fijn om het op een extraverte manier te doen! Daarnaast is de wereld ook vrij extravert, wat maakt dat daarmee oefenen niet per se verkeerd is.

Tegemoet komen aan introverten doe je door…

Fijn aan het boek is dat er ook wat voorbeelden staan van dingen die je kunt doen om tegemoet te komen aan de voorkeur van introverten. Hierbij een aantal op een rijtje:

Geef keuzes
Bied verschillende mogelijkheden aan om te leren. Dat kan via praten of presentaties maar moedig ze ook aan om blogs, video’s, podcasts of andere verwerkingsmanieren toe te passen.

Herdefinieer deelname
Meedoen wordt vaak gedefinieerd via extraverte kwaliteiten zoals hardop denken en snel kunnen antwoorden op een groepsvraag. Deelnemen is een breed begrip, werk daarmee en toon waardering voor introverte uitingsvormen.

Speel met de ruimte
Niet elk kind is gebaat bij werkgroepjes, zoek dus de balans tussen plekken in de klas waar dat (soms) gebeurt en rustige zones waar studenten zich kunnen terugtrekken.

Gebruik onlinetechnieken en sociale media
Online werken kan verrassende uitkomsten veroorzaken. Laat studenten elkaar dingen uitleggen met gebruik van filmpjes op YouTube. Laat ze via animaties of prezi’s dingen met elkaar delen. Nieuwe communicatievormen kunnen talenten aanwakkeren die eerder minder tot hun recht kwamen.

Mix leerlingen onderling
Introverten en extraverten die samenwerken kunnen tot prachtige resultaten komen. Zet tegenpolen soms bewust bij elkaar. Wissel deze sociale activiteiten af met alleen werken. Het is sowieso leuk om met de studenten eens te kijken naar hun type persoonlijkheid.

Ons onderwijs is passend. Wat denk jij?

Na het lezen van het boek kwam bij mij de vraag naar boven of mijn onderwijs wel passend is. Natuurlijk zijn er tal van dingen om rekening mee te houden in je onderwijspraktijk. Je kan niet alles perfect doen en dat moet je ook niet willen nastreven. Ik heb wel de indruk dat ik met kleine aanpassingen mooier onderwijs kan verzorgen.

Ik wissel werkvormen al af, na het lezen van dit boek wil ik gaan bekijken hoe ik groepen maak van introverten en extraverten. Hierbij moet ik wel een beetje in hokjes gaan plaatsen, maar eens kijken wat dat doet. Ik kan interactief metingen doen, maar ook kan ik checken wat studenten weten door ze individueel op papier of met onlinetestjes te testen.

Laat ik nu toevallig bezig zijn met het onderzoeken hoe blended tools mijn onderwijs kunnen verrijken! Ik vind het nu nog belangrijker dat ik me daar in verdiep.

Meer over het boek

Voor dit artikel las ik het boek “Ik moet nog even kijken of ik kan” van Liesbeth Smit. Je vindt er meer theoretische onderbouwing. Ook kan je in het boek meer lezen over hoe om te gaan met de verschillen tussen introversie en extraversie bij kinderen, in relaties en op het werk. Kantoortuinen worden besproken, problemen tussen partners als het gaat om wel of niet naar verjaardagen willen gaan en ook de zorgen die je kunt hebben als ouder als je kind veel op zichzelf is. Een echter aanrader!

Hoe is jouw onderwijs ingericht? Heb je een beeld van introversie en extraversie en alles wat er tussenin zit? Hoe houd je daar wel of geen rekening mee in jouw onderwijspraktijk? Welke kansen zie je voor jezelf om beter aan te sluiten? Of kies je er bewust voor om dat niet te doen, vanwaar die keuze? Laat het ons weten in de reacties.

Onderdeel worden van de Blijven Leren community?

Door mij te volgen op sociale media en je gratis te abonneren in de sidebar, kan je deel uit blijven maken van de Blijven Leren community. Wil je meer dan dat? Ik verzorg workshops & inspiratiesessies en ik ontwikkel lesbrieven en content voor de vo en mbo-docent. Hier vind je meer informatie.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *